U bent hier: FEB Onderwijs Masterproeven Onderwijs - De masterproef HIR, major productie en logistiek

Onderwijs - De masterproef HIR, major productie en logistiek

 

  1. Masterproefcoördinator
  2. Doelstellingen van de masterproef
  3. Selectie en uitwerking van het onderwerp
  4. Indienen en beoordeling van de masterproef
  5. Andere specifieke informatie

 

 

1. Masterproefcoördinator

Yannick Deflem

 

2. Doelstellingen van de masterproef

Door het schrijven van een verhandeling krijgt de student de kans om in belangrijke mate aan zelfstudie te doen. De eindverhandeling kan worden opgevat als een theoretische studie (een optimalisatie, een vergelijking van oplossingsmethoden, ontwikkeling van een model, literatuurstudie,….) of kan de behandeling omvatten van een concrete (bedrijfs)toepassing, al of niet uitgewerkt als onderdeel van een stage. Bij elke uitwerkingsvorm is het de bedoeling dat de student bij het uitwerken van de eindverhandeling een eigen bijdrage levert via het doorvoeren van een kritische analyse die geschraagd wordt door de theoretisch/methodologische onderbouw, zoals die gereveleerd wordt in de ‘state of the art’ van het onderzoek binnen het betrokken onderzoeksdomein en gedocumenteerd wordt met de relevante beschikbare literatuur. Van de student wordt geen louter beschrijvende studie verwacht, maar een zelfstandig uitgewerkte grondige wetenschappelijk gefundeerde analyse, onderbouwd met persoonlijke inzichten en zin voor kritische analyse. Enerzijds wordt verwacht dat de voor het gekozen onderwerp relevante en recente theorieën en methodologieën aan bod komen, anderzijds dat de student een persoonlijke en kritische inbreng heeft. Het gekozen onderwerp wordt steeds vanuit bedrijfseconomisch/bedrijfskundig standpunt benaderd.

 

3. Selectie en uitwerking van het onderwerp

De keuze van het onderwerp gebeurt vanaf het tweede semester van het eerste Master-jaar. Deze zogenaamde "eerste ronde" start in de eerste weken van het tweede semester. Het schrijven van de eindverhandeling gebeurt tijdens het laatste Master-jaar. Indien de student geen gebruik maakt van de eerste ronde voor het kiezen van een onderwerp dan dient de student een goedgekeurd onderwerp te hebben tegen het einde van de tweede ronde. De tweede ronde start bij het begin van het academiejaar en eindigt in de tweede helft van oktober. De student kan een onderwerp kiezen uit de lijst met titels die door de professoren van de Onderzoeksgroep productie en logistiek worden voorgesteld, of kan zelf een onderwerp voorstellen dat aansluit bij het studiedomein van de Onderzoeksgroep Productie en logistiek.

In elk van beide gevallen wordt het onderwerp voorlopig gereserveerd bij de promotor van het onderwerp.De student moet vervolgens een thesisvoorstel schrijven en ter goedkeuring voorleggen aan de promotor.

Indien een door de student zelf voorgestelde titel niet kan gereserveerd worden (omdat hetzelfde onderwerp tweemaal werd ingediend), wordt de student hiervan op de hoogte gebracht, en wordt besproken hoe het voorstel kan aangepast worden.

Het thesisvoorstel wordt opgesteld volgens de template van de richting. Het thesisvoorstel (1) omvat een motivatie, (2) geeft een duidelijk overzicht van de centrale doel- of probleemstelling, de centrale onderzoeksvragen en de beoogde resultaten, (3) voorziet een plan van aanpak (stappenplan, milestones) en (4) bevat een bibliografie (het voorstel wordt neergeschreven in een 5-tal bladzijden)

Wanneer de promotor akkoord gaat met het thesisvoorstel, wordt het doorgegeven aan de eindverhandelingencoördinator van de Onderzoeksgroep P&L, waarna de goedkeuring definitief is.

De student die opteert voor de tweede ronde gaat door dezelfde procedure. De student werkt de eindverhandeling af onder de supervisie van de promotor en werkleider. Als promotor kunnen optreden: (a) het ZAP-lid, Postdoc, of doctor/vrijwillige medewerker/geaffilieerd onderzoeker van de Onderzoeksgroep Productie en logistiek die het onderwerp heeft voorgesteld en aanvaard heeft te begeleiden, (b) een ZAP-lid of Postdoc van de Onderzoeksgroepen ORSTAT of LIRIS, of een ander ZAP-lid die aanvaard hebben het voorgestelde onderwerp uit het productie/logistieke onderzoeksdomein te begeleiden. Studenten kunnen ook opteren voor de Masterproef Business Research (en dus niet voor de Masterproef Productie Logistiek)

De werkleider is de wetenschappelijke medewerker die binnen de Onderzoeksgroep Productie en logistiek wordt belast met de dagelijkse begeleiding van de meesterproef. De student neemt regelmatig contact op met zijn promotor en werkleider. Hierbij wordt verslag uitgebracht over het al gepresteerde werk en wordt de verdere uitwerking besproken. Afgewerkte teksten worden eerst bij de werkleider, later bij de promotor ingeleverd voor verbetering en commentaar. De eindverhandeling bestaat uit maximaal 15000 woorden (35 pagina’s) en volgt de vormvoorschriften van het wetenschappelijk tijdschrift Management Science (zie template).

Uiterlijk één maand voor de datum waarop de verhandeling moet ingeleverd worden, geeft de student de verbeterde, volledige versie van zijn tekst een laatste maal aan promotor en werkleider.

 

4. Beoordeling van de masterproef

De verhandeling wordt mondeling verdedigd. Dit gebeurt via een mondelinge presentatie van een 15-tal minuten (ondersteund door Powerpoint-presentatie, transparanten, poster,…), waarin de student de voornaamste bevindingen van de meesterproef uiteenzet en verdedigt voor een commissie minstens bestaande uit de promotor, werkleider en een derde beoordelaar. De derde beoordelaar is een ZAP-lid behorend tot de Onderzoekseenheid KBI of tot een andere Onderzoekseenheid, die voldoende vertrouwd is met het onderwerp en die op voorstel van de eindverhandelingencoördinator heeft aanvaard om in functie van het onderwerp als beoordelaar op te treden. Elke beoordelaar geeft een afzonderlijke quotering en het gemiddelde van de drie cijfers wordt als examencijfer voor de verhandeling genomen.

De individuele quotering kent volgende componenten: 80% op de tekst van de eindverhandeling (telkens ¼ voor (a) theoretische situering, probleemstelling literatuurstudie; (b) eigen bijdrage; (c) presentatie, vorm en taal; (d) globaal geleverde inspanning tijdens het uitwerkingsproces) en 20 % op de mondelinge verdediging.

 

5. Richtlijnen in verband met groepsmasterproef

 

 

Een groepsmasterproef is een masterproef waaraan 2 studenten gedeeltelijk samen werken omdat de omvang of aard van het onderwerp dit vereist. De studenten kiezen zelf met wie ze willen samenwerken aan het onderwerp.

 

Een groepsmasterproef bestaat dus steeds uit een gemeenschappelijk deel, en een individueel deel.

 

Het gemeenschappelijke deel bestaat in voorkomend geval uit de eerste fasen die gerelateerd zijn aan het onderzoek: literatuurstudie, keuze methodologie, en (eventueel, afhankelijk van de vereisten van het onderwerp en het bedrijf waarmee wordt samengewerkt) ook reeds de opbouw van het basismodel met daarbij horende conclusies. Bedoeling is dat de studenten in het gemeenschappelijk deel synergieën kunnen ontwikkelen (bijv mbt de analyse van de inputdata voor het model), zodat geen “dubbel werk” wordt gedaan en men vrij snel tot een basismodel met eerste conclusies kan komen. Bij het beëindigen van de gemeenschappelijke fase hebben beide studenten dan dezelfde informatie om van te vertrekken. Het gemeenschappelijke deel resulteert in 1 gemeenschappelijke tekst, die dus in beide masterproeven exact dezelfde inhoud heeft. Voorgestelde target: max. 12000 woorden (ca 28 pagina’s).

 

In de individuele fase worden het basismodel en de basisanalyses verder uitgewerkt. De kritische kijk van de student, aandacht voor beperkingen van het basismodel, suggesties voor verbeteringen, uitwerking van verbeteringen, eventuele vergelijking met resultaten van alternatieve methodologie…zijn hier cruciaal. Hier kan de student dus zelf richting geven aan hoe hij verder werkt met de basisbagage uit het gemeenschappelijk deel. Logischerwijze start de student vanuit het basismodel, nadien worden verdere verfijningen/aanvullingen op het model toegevoegd en naar eigen inzicht geanalyseerd. Het individuele deel resulteert in een individuele tekst, die logisch volgt op de gemeenschappelijke tekst.

Voorgestelde target: ca 6000 woorden (ca 14 pagina’s).

 

De verdediging van een groepsmasterproef gebeurt volledig individueel. Om de aanpak en het type vragen volledig vertrouwelijk te houden, worden studenten van eenzelfde team niet toegelaten op elkaars verdediging. Gezien de grotere omvang wordt voor de verdediging van een groepsmasterproef 25 minuten per student voorzien (max 10 minuten presentatie, min. 15 minuten vragen). De presentatie dient in te zoomen op probleemstelling + basismodel + (als hoofdmoot) individuele analyses. De student dient tijdens de vragensessie te bewijzen dat hij de aanpak en stellingen van zowel het gemeenschappelijke deel als het individuele deel kan verduidelijken en verdedigen.

 

De totaalscore op de thesis wordt berekend obv de subscores van de 3 onderdelen:

  • Gemeenschappelijke tekst: 40% van de eindscore
  • Individuele tekst: 40% van de eindscore
  • Individuele verdediging: 20% van de eindscore

 

Voor een groepsmasterproef wordt door de beide studenten 1 gemeenschappelijk thesisvoorstel neergelegd, volgens dezelfde voorschriften als een individuele masterproef. Het voorstel dient een aanzet te geven voor het werk dat gepresteerd zal worden in de gemeenschappelijke fase, en een duidelijke timing te omvatten voor het afronden van de gemeenschappelijke fase.

 

5. Andere specifieke informatie

De meesterproeven die op voorstel van de promotor werden ingediend voor de ‘Applied Logistics Award voor de beste eindverhandeling’ worden bijkomend beoordeeld door een jury bestaande uit ir. H. Van Dessel (Applied Logistics N.V.), de lesgevers van de Onderzoeksgroep productie & logistiek en vertegenwoordigers uit het beroepsdomein van de productie en logistiek.

Voor studenten in hun eerste master jaar en tweede master jaar specifieke informatie kan worden terug gevonden op Toledo. Studenten in hun eerste master jaar dienen zich, via Toledo, in te schrijven voor de cursus D0R82A. Deze cursus zal automatisch geactiveerd worden voor studenen in hun tweede master jaar.