Hogenheuvelcollege

Het hogenheuvelcollege, het huis van 't Sestich en het huis De Munter vormen samen met een nieuwbouwcomplex, dat tevens Hogenheuvelcollege wordt genoemd, de locatie voor de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen, toen nog genoemd Faculteit Economische en Toegepaste Economische Wetenschappen. Het geheel werd door de faculteit in de zomer van 1994 in gebruik genomen. De laatste werken eindigden eind 1996, met de afwerking van de restauratie van het huis van 't Sestich. Hieronder vindt U enkele foto's, schetsen van de gerenoveerde gebouwen en het nieuwbouwcomplex en de geschiedenis van het huis van 't Sestich.

Foto huis demunter Foto poort Foto Hogenheuvelcollege straatzijde Foto Hogenheuvelcollege straatzijde

Van links naar rechts:
1: Toeganspoort van het Hogenheuvelcollege, in de Naamsestraat.
2: Doorgang tussen Huis De Munter links en het Huis van't Sestich rechts, met (niet zichtbaar, om de hoek) toegang tot het nieuwbouwcomplex.
3 & 4: Zicht op het Hogenheuvelcollege straatzijde met links een stuk van het Huis van 't Sestich.



Foto  vijver Foro nieuwbouwcomplex 1 Foro nieuwbouwcomplex 2 Foro nieuwbouwcomplex 3 Zicht op het vijvertje tussen voorbouw en nieuwbouw, met achterliggend de Van Esbibliotheek. Het beeldje in de vijver is van de hand van Dany Tulkens, dateert van 1996 en stelt de god Mercurius voor, God van de Handel. De plaatsing van dit beeld is tevens een idee van en een eretribuut aan Prof. Dr. J. Vander Eecken zaliger, decaan van deze Faculteit (1982-1994) en stuwende kracht bij de realisatie van het hele Hogenheuvelcomplex voor onze faculteit.


Vogelperspectief hogenheuvelcollege Het hogenheuvelcollege bekeken vanuit vogelperspectief, vanaf de zijde Naamsestraat. Centraal in het geheel de faculteitsbibliotheek Prof. Van Es. Daarachter de verschillende vleugels van het nieuwbouwcomplex. Op de voorgrond van links naar rechts geschetst : Huis De Munter, Huis van 't Sestich, en het Hogenheuvelcollege.


hoofdingang van het gebouw Vanuit de doorgang tussen Huis De Munter en Huis van 't Sestich is dit het zicht op de hoofdingang van het gebouw. Rechts bemerkt U weer een gedeelte van de faculteitsbibliotheek.


Huis van 't Sestich 1 Het van 't Sestich-huis is genoemd naar de Leuvense patriciersfamilie van die naam. Hoog boven in de gevel bemerkt men trouwens het Romeinse getal LX als woordspeling op deze familienaam.
Deze patricierswoning werd gebouwd in de 15e eeuw door Golin van 't Sestich, echtgenoot van Catharina van Vlaenderen, op de plaats waar zich het woonhuis van Wouter van Cuyck, heer van Hoogstraten, had bevonden.
De karakteristieke gevel van het Van 't Sestichhuis met zijn bakstenen motieven toont verwantschap met de bouwstijl van de Bijloke te Gent en tal van burgerhuizen te Brugge.

De bovengevel is volledig uitgewerkt met hakstenen motieven waarin we de davidster kunnen onderkennen. Dit heeft ooit aanleiding gegeven tot de onderstelling dat de uit Duitsland ingeweken familie van 't Sestich van joodse oorsprong geweest zou zijn, een vermoeden dat nog versterkt werd door een Hebreeuws opschrift door een ander lid van de familie aangebracht in een huisgevel.

Oorspronkelijk strekte het eigendom van de familie van 't Sestich zich uit van het Atrechtcollege tot aan de oude stadsmuur (hoek Parkstraat). Een smeedijzeren ring in de gevel, op manshoogte, duidt aan waar de vroegere binnenpoort van de eerste ringmuur gestaan heeft.

In 1634 werd het domein verdeeld in vier delen. Het gedeelte tegen het Atrechtcollege werd de latere herenwoning van de familie Demunter-Stappaerts, waarvan de zoon Victor-Marie-Jules (Leuven 1857-1939) een belangrijke schenking aan het Stadsmuseum heeft gedaan.

In het andere gedeelte vestigde zich in 1686 het College van de Hoge Heuvel, een godsdienstige stichting opgericht in Keulen in 1583 door Sasbold Vosmeer, gewijd aan de H.H. Bonifatius en Willebrordus. Het college werd bestemd voor de opleiding van jonge geestelijken voor het bisdom Haarlem.

De naam van het college kwam voort uit het tweevoudig feit dat het toevallig gelegen was op het hoogste punt van de stad en dat de oorspronkelijke stichting in Keulen ook Hoher Hügel was genoemd.

In 1755 werd het gedeelte opgericht dat gelegen is tussen de ingangspoort en het oude huis van 't Sestich. De gebouwen van het College van de Hoge Heuvel werden in 1805 eigendom van de stad Leuven, na de opheffing van de universiteit.

In 1836 werd het Collège Communal naar het College van de Hoge Heuvel overgebracht. Dit Stedelijk College, een instituut voor middelbaar onderwijs, was op 12 Germinal An XII (2.4.1804) gesticht en had een onderkomen gevonden in het gewezen Heilig Geestcollege. Tijdens het Hollands Bewind kreeg het de benaming Stedelijk College van Leuven.

In 1838 werd in samenwerking met mgr. de Ram, rector magnificus, overgegaan tot een hervorming van het middelbaar onderwijs te Leuven. Het college kreeg toen de naam van Collège des Humanités de la Haute Colline naar zijn ligging.

In 1850 nam de stad Leuven dit college volledig te haren laste. Vanaf 1880 werd dit stedelijk instituut dat nu Athénée Royal genoemd werd, door de staat gesubsidieerd voor wat de onderwijskosten betrof. Gebouw en onderhoud bleven echter ten laste van de stad tot bij K.B. van 24.6.1938 de staat het Koninklijk Atheneum volledig overnam.

Na de verhuis van het Koninklijk Atheneum naar het nieuwbouwcomplex Redingenhof, stonden de gebouwen meerdere jaren leeg, tot ze door de K.U.Leuven werden aangekocht voor de realisatie van het Hogenheuvelcomplex.

Dit is in korte woorden de geschiedenis van deze onderwijsinstelling.